maandag 27 juli 2015

Tiende etappe, Ommen – Hellendoorn

26 juli 2015
Tiende etappe, Ommen – Hellendoorn

Na de zomerstorm van zaterdag 25 juli begint deze zondag zonnig met weinig wind en dat zal de hele tocht vandaag zo blijven. Om half acht rijden Jasper en ik met de auto naar Hellendoorn. De fietsen staan op de Twinny Load om van Hellendoorn naar Ommen te fietsen. Om acht uur komen we in Hellendoorn aan en parkeren daar de auto. We fietsen over de Ommerweg, de Hellendoornseweg, de Lemelerweg en uiteindelijk de Hammerweg naar het station in Ommen.
Om 9 uur stallen we de fietsen in de stalling bij het station en even later zijn we op Pieterpad naar Hellendoorn.
Al snel blijkt dat we de vlakke gebieden van de eerdere etappes achter ons hebben gelaten. Eén van de eerste straten waar we overheen lopen heet de Bergweg. En niet voor niets, want deze weg leidt ons naar de 33 meter hoge Besthmenerberg waar we, bovenaan gekomen, besluiten om de uitzichttoren ook nog maar even te beklimmen.
Uitzichttoren op de Besthmenerberg
Van boven uit de toren heb je een prachtig uitzicht over het noordelijke gedeelte van de Sallandse Heuvelrug en zien we de Archemerberg al liggen. De Sallandse Heuvelrug is gedurende de twee laatste ijstijden gevormd. De voorlaatste ijstijd, het Saalien duurde van 238.000 tot 126.000 jaar geleden. Gletsjers met een dikte van wel 100 tot 400 meter dik stuwden rotsen van wel duizenden kilo’s vanuit Scandinavië naar ons land. Deze rotsen werden onderweg gladgeschuurd en verpulverd. Ook vroegere rivierafzettingen van grote rivieren zoals de Rijn en rivieren vanuit het oosten werden door de gletsjers meegevoerd. Na het smelten van de gletsjers bleven in Nederland onder meer de Sallandse Heuvelrug achter. Tijdens de laatste ijstijd, het Weichselien, die duurde van 116.000 tot 11.700 jaar geleden, kwamen de gletsjers niet tot in Nederland, maar was de bodem wel permanent bevroren. Door harde winden werden lagen dekzand afgezet en door smeltwater van de sneeuw in het voorjaar erodeerde de ondergrond en werden droogdalen gevormd.
Als we weer aan de voet van de toren staan vervolgen we onze weg. Na de passage van de Hammerweg komen we langs de Steile Oever waar goed te zien is hoe een buitenbocht van een meander van de Regge zich een weg door de stuwwal heeft gebaand.
Steile Oever
 Als we even later ook de Lemelerweg via een tunneltje en de Regge via de brug bij Nieuwebrug, een buurtschap op de oude postroute van Ommen naar Raalte, waar het huidige café van oorsprong een herberg was.
We lopen verder langs een wakelbosje (jeneverbesbosje), door bos en over heide en bereiken als “hoogtepunt” van onze tocht de top van de Archemerberg met een hoogte van wel 78 meter boven NAP de op één na hoogste berg van Overijssel. Ook hier weer een prachtig uitzicht over de omgeving.
Op het hoogste punt staat een vierkante zandstenen zuil met bronzen landmeetbout die rond 1890 is geplaatst als één van de vaste punten voor de Rijks Driehoeksmeting met de Onze Lieve Vrouwetoren in Amersfoort als nulpunt van het assenstelsel.
Boven op de Archemerberg 
Er is in 1885 begonnen met het inmeten van 77 punten over heel Nederland, het eerste-orde net. In 1928 is het net met ca. 5.600 punten compleet. Het nulpunt is overigens in 1960 om praktische redenen verplaatst naar een fictief punt in Frankrijk. De Onze Lieve Vrouwetoren in Amersfoort is wel blijven staan.
 We dalen weer af en lopen langs misschien wel de grootste zwerfkei van Nederland en het Grote en Kleine Ravijn. We verlaten de route om op de Lemelerberg, met z’n hoogte van 77 meter de op drie na hoogste berg van Overijssel, te genieten van appeltaart met slagroom en wat te drinken.
Boven op de Lemelerberg het Monument 1813 opgericht ter herinnering aan de herwonnen onafhankelijkheid.
Als we weer terug zijn op de route lopen we verder naar Lemele waar bij Zaal Dijk de route van bos overgaat in akker en weidegrond.
 Een paar kilometer verder komen we weer bij een bos dat we over het jaagpad langs de Boksloot inlopen. In 1863 liet ene Hendrik Meinsz de Boksloot graven om mest, stratendrek en gier dat met mestboten dat via de Overijsselse kanalen vanuit Amsterdam en Zwolle werd aangevoerd en overgeladen op bokken, platboom vaartuigen, naar zijn eenvoudige boerderij te vervoeren. Landbouwproducten, veldkeien en later ook hout werden via de boksloot weer naar het Overijssels kanaal vervoerd. Nog steeds is de Boksloot goed zichtbaar in het bos, maar er staat niet veel water meer in.
Ook hier beklimmen we een berg, dit keer de Eelerberg. Ondanks zijn bescheiden hoogte van 40 meter boven NAP hebben de Duitsers hier tussen 13 november en 28 maart 1944 in de Tweede Wereldoorlog een mobiele lanceerinstallatie voor V2 raketten (Vergeltungswaffe 2) ingericht vanwaar de eerste onbemande geleide ballistische raketten werden afgeschoten op onder andere de haven van Antwerpen en de brug in Remagen in Duitsland. Op 16 november 1944 vond de eerste lancering plaats.
Als we het bos uit komen horen we aan onze rechterkant het gejoel van het publiek in Avonturenpark Hellendoorn en zien we voor ons de kerktoren in Hellendoorn opduiken waar vandaag het eindpunt van deze etappe ligt.
Hellendoorn is de plaats waar dichteres Johanna van Buren (1881-1962) woonde en gedichten in de “moodersproake” schreef. Jarenlang schreef zij wekelijks een gedicht in dialect dat in het Twentsch Zondagsblad werd geplaatst. Johanna van Buren heeft veel betekend voor de instandhouding van de Twentse taal.
Johanna van Buren
"Ik bidde oew, jonge volk van noew:
Hoaldt déigen sproake in eer'n.
Oew beste doon de'j Hollaands könt,
Mar... 't eigne neet verleer'n" 
Als we rond twee uur weer bij de auto zijn rijden we naar Ommen om de fietsen weer op te halen. We mogen terugkijken op een mooie wandeling door een prachtige omgeving.

Vandaag hebben we in ongeveer 5 uur 21 km afgelegd.
In totaal heb ik in 43 en een half uur 192 km afgelegd.
Ik heb nog 289 km te gaan naar de Sint Pietersberg.
Eikenblad na de storm met regendruppel in de zon

Gras op de heide dat is neergeslagen door de storm

Uitzicht vanaf de uitkijktoren op de Besthmenerberg

Tak van dennenboom die een beetje in de war is

Vanaf hier nog 305,5 km?

dinsdag 16 juni 2015

Negende etappe, Hardenberg – Ommen

14 juni 2015
Negende etappe, Hardenberg – Ommen

Afgelopen vrijdag kwam tijdens het etentje vanwege de verjaardag van Rebecca de mogelijkheid boven tafel om een Blokker/NS dagkaart van Rebecca over te nemen. Op die manier kon ik zondag voordelig naar Hardenberg en van Hardenberg naar Enschede reizen. Een tweede voordeel was dat Jasper op de zelfde dag nadat ik weer in Enschede ben aangekomen met de zelfde kaart weer naar Maastricht kon reizen. Een win-win situatie dus.
Enfin, zondagmorgen heb ik de vroegst mogelijke trein richting Almelo genomen om daar over te stappen op de trein naar Mariënberg en vervolgens op de trein naar Hardenberg.
Bij het verlaten van het station kom ik in gesprek met Mieke uit Zutphen die ook het Pieterpad loopt. We zijn samen naar het beginpunt gelopen en na ongeveer 1,5 km is zij verder gelopen terwijl ik een steentje uit mijn schoen moest bevrijden.
De etappe Hardenberg Ommen is de laatste etappe door het Vechtdal. En echt een aanrader voor de wandelaar. Na het passeren van de Vecht over de Vechtbrug loopt het Pieterpad langs de Molengoot en de Vecht. In het gedeelte tussen de Europaweg, de Twenteweg en de Vecht heeft de Vecht meer ruimte gekregen om bij hoog water meer water te kunnen bergen en zijn aanpassingen gemaakt voor recreatie en voor de ecologische verbinding. Zo is er onder meer een vistrap gemaakt tussen de Vecht bovenstrooms van de stuw en de Molengoot die benedenstrooms van de stuw in de Vecht uitmondt. Dit gebiedje sluit mooi aan bij de Vechtcorridor noordelijk van Hardenberg.
Op de voorgrond de Molengoot en daarachter de Vecht en Hardenberg

De route gaat verder langs het Hazenbos, een “nieuwbouw” wijk uit de jaren 70 van de vorige eeuw en al snel wandel ik door het Natuurreservaat Rheezermaten. Hier heeft vroeger de Vecht doorheen gemeanderd en het is de bedoeling van het Waterschap om de Vecht door de toevoeging van bochten die eeuwenlang karakteristiek zijn geweest voor de Vecht weer door dit gebied te laten stromen. Nu wordt het landschap nog bepaald door weiden, houtwallen en dode takken van de Vecht, terwijl het Duinroosje hier ook voor komt. Terwijl ik door dit mooie gebied loop begint het zacht te motregenen, maar er valt niet genoeg om nat te worden.
Kikkerpoel in een vroegere tak van de de Vecht
Even later bereik ik Rheeze, een goed bewaard gebleven esdorp met een gave brink. Rheeze bestaat al sinds de vroege middeleeuwen en is sinds 1992 aangemerkt als “beschermd dorpsgezicht”. Heel opvallend zijn de oude boerderijen met strodaken en schuren met siermotieven van gevlochten stro. Ik loop op de brink het Theehuis Rheezer Kamer binnen en ontmoet daar Mieke weer die van een kop koffie zit te genieten. Ik bestel een kop cappuccino met een lekkere brownie.
Theehuis Rheezer Kamer
En we praten met de eigenaresse over de B&B die onlangs in het buitenland op TV is geweest waardoor uit het verre buitenland reserveringen binnenkomen voor de Rheezer Kamer. Na de koffie wandel ik weer verder terwijl Mieke nog een tweede kop koffie neemt.
Even buiten het dorp loop ik de Boswachterij Hardenberg in en de motregen stopt al snel.

Ooit, in de 19e eeuw, beschreef W.C.H. Staring dit gebied als “eene onafgebrokene woestenij”. Door overbegrazing van de heidevelden is deze woestenij veranderd in zandverstuivingen met windduinen. Vanwege de al eerder besproken werkeloosheid rond 1930 is ook dit gebied door de inzet van werkelozen tot ontginningsbossen verworden. Her en der zijn in de bossen nog zandverstuivingen en heidevelden te vinden. Op een gegeven moment zie ik op ongeveer 5 meter afstand een ree in het bos staan. De ree kijkt mij aan, ik kijk de ree aan en dan pak ik mijn fototoestel. Op het moment dat ik het toestel aanzet neemt de ree de benen en loop ik een mooie foto mis.
Op het YouTube filmpje van Nico Arkes zie je zo’n beetje wat ik ook heb gezien. 
Op de grens van Hardenberg met Ommen gaat het betonnen fietspad naast de zandweg over in een gravel fietspad.
Het betonnen fietspad 

Als ik het bos uit kom staat er bij een picknicktafel een koelbox met toetjes, blokjes kaas en frisdrank aangeboden door een boer vlak bij. Ik heb yoghurt met boomgaardfruit genomen. Een lekkere, onverwachte verfrissing.
Een lekkere, onverwachte verfrissing
Terwijl ik zit te genieten komt er een ouder echtpaar bij de tafel die de tafel en de directe omgeving gingen inspecteren. Ze zeiden niets, dus toch maar even gevraagd wat ze aan het doen waren. Geocaching zei de vrouw. Toen zag ik ook dat de dikke telefoon type koelkast een GPS ontvanger was. Ze konden de schat bij de tafel maar niet vinden, zelfs in de koelbox niet. Ik zag aan de weidepaal naast de tafel een drinkbak voor koeien waar een slang met een stalen stop uit hing. Ik draai de stop er uit en zie een plastic prop zitten. Daarin bleek dus een logboekje te zitten. Ik had de schat gevonden. Even later kom ik bij de Stuw bij Junne.
In de gekanaliseerde Vecht is bij Junne een stuw gemaakt waardoor stroomopwaarts geen doorgaande scheepvaart meer mogelijk is. Omdat de Vecht de functie van ecologische verbindingszone vervult is naast de stuw een vistrap aangelegd.
Vistrap bij de stuw bij Junne
De Buurtschap Junne is al zeer oud en licht in een bocht van de Vecht. De gronden waren achtereenvolgens eigendom van de familie Lüps en de baron M. Bentinck tot Bruckhorst uit Beerze. In 1938 is het landgoed in handen gekomen van verzekeringsmij. Amstelven, tegenwoordig Delta Lloyd. Via voormalige productiebossen en over vroegere, maar nu begroeide stuifduinen kom ik langs een dode arm van de Vecht en kruis daarna de spoorlijn Ommen – Mariënberg. Als ik het bos uit kom kruis ik opnieuw de spoorlijn en moet dan over het fietspad langs de Beerzerweg verder naar Ommen waar ik het eindpunt van de route bij hotel de Zon bereik.
Dode tak van de vecht bij Ommen
Ik loop meteen door naar het station van Ommen waar ik nog een ijsje scoor en dan moe maar voldaan op de trein naar huis stap.

Vandaag heb ik in ongeveer 4 uur 21 km afgelegd.
In totaal heb ik in 42 en een half uur 171 km afgelegd.
Ik heb nog 310 km te gaan naar de Sint Pietersberg.

Boerderij met schuur op de Brink in Rheeze

Het fraaie vlechtwerk

Landgoed Junne

Begroet door een stier in Junne

dinsdag 28 april 2015

Achtste etappe, Coevorden – Hardenberg

 27 april 2015
Achtste etappe, Coevorden – Hardenberg

Afgelopen week is de datum voor de achtste etappe regelmatig heen en weer geschoven van de zondag naar Koningsdag en weer terug. Bijna iedere dag gaf buienradar een andere dag op met voor mij een goed weertype om te wandelen: Droog, het liefst een zonnetje en de wind in de rug als de temperatuur aan de lage kant zou zijn. Uiteindelijk heb ik de knoop op zaterdag doorgehakt en voor Koningsdag gekozen. Er zou dan pas later op de dag zon zijn, maar dat heb ik op de koop toe genomen. Dat blijkt een goede keuze geweest te zijn, want zondag was niet droog en Koningsdag was een prachtige dag met blauwe lucht en schilderachtige wolkenpartijen en ook nog eens de wind in de rug.
Els heeft mij, vanwege de regen die ‘s morgens in Enschede viel, met de auto naar het station hier in Enschede gebracht. Om 16 over 7 klonk de fluit van de conducteur en om even over half 9 stond ik al in Coevorden. Daar scheen de zon, terwijl het in Enschede pas later op de ochtend mooi weer werd.

Voormalig station van de Dedemsvaartsche Stoomtramweg Maatschappij aan de Krimweg in Coevorden
Al snel verlaat ik Coevorden en loop langs een strak aangelegde beek naast een bedrijventerrein. Als ik de bebouwing achter me heb gelaten loop ik door een landschap met een “heuvelrug” en een in ere herstelde Kleine Vecht dat volgens een ontwerp van Els Korff uit Finsterwolde is aangelegd om het stroomdal van de Kleine Vecht het industriegebied van elkaar te scheiden. 
Herstelde Kleine Vecht met de "Heuvelrug"
Op het eind van de heuvelrug loop ik onder der Drentse Poort door en “verlaat” ik Drenthe. De Drentse poort is een kunstwerk van de Amsterdamse beeldhouwer Rob Schreefel.

De Drentse Poort
 Hoewel ik net onder de Poort van Drenthe ben doorgelopen, loop ik nog een anderhalve kilometer verder voordat ik de grens met Overijssel passeer.
De grens Drenthe - Overijssel
Even later krijg ik de zwarte contour in het oog waar de spoorlijn Zwolle–Emmen bij De Haandrik de Vecht kruist. Dat is ook de plek waar het Kanaal Almelo–De Haandrik uitmondt op de Vecht en aan de overkant van de Vecht weer als het Coevorden–Vechtkanaal weer verder loopt naar Coevorden. Het is een bijzondere plek waar een van oorsprong natuurlijke waterloop een civieltechnische waterloop kruist. Ik steek hier zelf eerst de spoorlijn, dan de Vecht en vervolgens bij de sluis het kanaal over.
Uitzicht op de waterkruising bij De Haandrik. Linksonder en rechtsboven de Vecht, rechtsonder het Kanaal Almelo-De Haandrik en linksboven het Coevorden-Vechtkanaal.

Even later kom ik in Gramsbergen aan waar ik het kanaal nogmaals kruis om aan de overkant bij café Boonstra een kleine rustpauze neem onder het genot van een kop koffie te drinken met een heerlijke plak kruidkoek.
In Gramsbergen zijn de voorbereidingen voor de Koningsdag viering al in gang gezet en ik verlaat het dorp al snel via een brug over de Vecht in de richting van Ane. In de buurtschap Ane is in 1227 een veldslag uitgevochten tussen een ridderleger van Otto van Lippe, de bisschop van Utrecht, en de troepen van Rudolf de 2e van Coeverden, burggraaf van Coevorden, de Drentse troepen hebben daar het leger van de bisschop verslagen en de bisschop zelf is daarbij gesneuveld.
Even verder kom ik bij het Engelandsche Bosch, een bosje op rivierduinen in een afgesneden meander in de Vecht. 
Levende, uitbottende tak boven de dode tak van de Vecht.
Het pad loopt langs de binnenbocht van de dode tak van de Vecht en komt uit bij het landschapskunstobject GEO METRIE
Landschapskunstobject GEO METRIE. Op de voorgrond de traptreden die refereren aan de dwangarbeid van de Joden in WOII
Militair ingenieur Pieter de la Rive, de ontwerper van het wereldberoemde schanswerk van Bourtange en de verdedigingswallen rond Maastricht, heeft destijds een 35 km lange verdedigingslinie die zich uitstrekt van Dalfsen tot voorbij Gramsbergen ontworpen, maar deze is nooit gerealiseerd. GEO METRIE is geïnspireerd op het Oud-Nederlandse bastiontype met een maatvoering die is gebaseerd op de gulden snede verhouding en het Rijnlandse maatsysteem (in roeden en voeten) zoals Pieter de la Rive het in 1720 ook zou hebben toegepast. Verder refereert het aan de Joden die in de Tweede Wereldoorlog het laantje dat nu bij het kunstobject stopt, onder dwang van de bezetter hebben aangelegd. Voordat ik mijn weg vervolg over het Jodenlaantje leg ik nog een steen op de traptrede waarop de verwijzing naar dit trieste werk is vastgelegd.
Even later kom ik bij Vechtcorridor bij Hardenberg.
Vechtcorridor bij Hardenberg
Hier heeft de Vecht de ruimte gekregen om water te kunnen bergen en daarmee is tevens de Vecht als de ecologische verbindingszone verbeterd.
Ik loop door dit mooie gebiedje en steek via een nieuwe fietsbrug voor de laatste keer de Vecht over en loop Hardenberg binnen waar het Koningsfeest in volle gang is. Ik loop snel door naar het station om de trein naar huis te pakken.
Ik was blij verrast over de afwisselende route door weiden, akkers, buurtschappen en dorpjes.



Vandaag heb ik in ongeveer 4 uur en drie kwartier 19 km afgelegd.
In totaal heb ik in 38 en een half uur 150 km afgelegd.

Ik heb nog 331 km te gaan naar de Sint Pietersberg.
Boom produceert haardhout

Ooievaar op nest bij Coevorden


Pieterpad langs de dode tak van de Vecht

Op de voorgrond één van de plaquettes met de kaart van het Raakpunt N34, waar de Vecht de N34 "raakt".
Op de achtergrond het raakpunt in het landschap.
De fietsbrug over de Vechtcorridor en over de Vecht


maandag 9 maart 2015

Zevende etappe Sleen - Coevorden

8 maart 2015

Zevende etappe, Sleen – Coevorden


Ik ben wederom vroeg opgestaan om naar Coevorden te reizen voor de 7e etappe van het Pieterpad. Na het ontbijt heb ik de fiets op de Twinny-Load gezet en ben om 7 uur vertrokken. Het was mooi helder weer en na een vlotte rit heb ik even voor 8 uur de auto bij het station in Coevorden neer gezet. Nadat ik de Twinny-Load in de kofferbak had geplaatst ben ik op de fiets gestapt om door het Drentse land naar Sleen te fietsen.en uur later heb ik de fiets bij de AH in Sleen neergezet en ben ik om 10 over 9 begonnen aan de 7e etappe. Eerst ben ik tegen de richting in naar de Boterakkersweg gelopen omdat ik de vorige keer daar ben afgeslagen om naar de bushalte te lopen.

Molen in Sleen
De oudste sporen van bewoning van Sleen en de omgeving dateren van zo'n 4500 jaar geleden. De hunebedden in deze omgeving zijn daarvan de stille getuigen. Ooit was Sleen de hoofdplaats van de dingspel Zuidenveld. Dit dingspel was een voormalig rechtsgebied in “de Landschap Drenthe”.
Het bestond uit de kerspelen Sleen, Emmen, Odoorn, Zweeloo, Oosterhesselen, Dalen, Schoonebeek en Roswinkel. In 1518 is Sleen een zelfstandige schultambt.

Nadat ik het dorp Sleen heb verlaten loopt de route tussen de weilanden en de akkers in de richting van de Jongbloedvaart. De Jongbloedvaart is voor 1925 als werkverschaffingsproject aangelegd en was de verbinding van de Verlengde Hoogeveense Vaart met Sleen. Anske Jongbloed was burgemeester van Sleen tussen 1919 en 1927, en “Rijksinspecteur voor Steunverleening aan werkloze arbeiders”. Ik volg de Jongbloedvaart eerst aan de rechterkant over een fietspad langs de zandweg en ongeveer een kilometer verder steek ik de vaart via een dam over om mijn weg over een smal pad langs de vaart te vervolgen. De Verlengde Hoogeveense Vaart, waar de Jongbloedvaart haaks op aansluit, moet ik drie keer oversteken om steeds op de rustigste oever te lopen. Twee van deze bruggen zijn originele ijzeren draaibruggen.
Hoolbrug, originele ijzeren draaibrug met brugwachterwoning bij Holsloot. op de achtergrond het viaduct van de N37.
Nadat ik de N37 ben gepasseerd gaat de route door Den Hool en passeer ik de spoorlijn Coevorden – Nieuw Amsterdam. Deze spoorlijn is in 1905 geopend en bij de passage heeft tot 1940 het stationnetje Dalerveen gestaan. Alleen een plaquette herinnerd aan dit stationnetje.
Spoorlijn in de richting van Coevorden bij het voormalige stationnetje van Dalerveen.
In Dalerveen neem ik bij café Boerhoorn een kop koffie met appeltaart en vervolg daarna mijn weg. Als ik het Nieuwe Drostendiep passeer zie ik een zwerm vogels in een mooie bolvorm neerstrijken. Ik besluit nog even te blijven staan om te kijken en zie de zwerm vogels nog meer mooi ballet maken.
Ballet van een zwerm vogels.
Even later kom ik bij het uit de 18e eeuw stammende Joodse begraafplaats. Hier is ook een herdenkingssteen geplaatst die herinnerd aan de dertien van de zestien Joden uit Dalen die in 1942 werden weggevoerd en vermoord. Nadat ik een steen op de herdenkingssteen heb gelegd heb ik mijn pad weer vervolgd.
Gedenksteen bij de Joodse begraafplaats bij Dalen.
Niet veel later loop ik Coevorden binnen. Via de oude vestingwallen loop ik door de binnenstad en om 5 over half 3 kom ik weer bij het station aan.
De tocht van vandaag was zeker niet de mooiste van de afgelopen 7 etappes. De tocht ging veelal over rijwegen.
Door de uitgestrektheid van de akkers en weiden doorsneden door vaarten en afwateringssloten, in de geschiedenis gevormd door de ontginning van de veengronden en ruilverkaveling, is de aanwezigheid van geschikte(wandel)paden beperkt. De afwezigheid van houtwallen geeft een goed beeld van de uitgestrektheid van het Drentse land.
Het Drostendiep meandert door het vlakke wijdse  landschap.
Gelukkig was het een prachtige lentedag en heb ik zelfs een aantal uren in de korte broek kunnen lopen.
Sneeuwklokjes in de lente.


Wuivend riet, overgebleven van de herfst, langs de kant van de weg.

Vandaag heb ik in ongeveer 5 en een half uur 21 km afgelegd.
In totaal heb ik in 33 uur en drie kwartier 131 km afgelegd.


Ik heb nog 350 km te gaan naar de Sint Pietersberg.
Veste Coeverden
Het Casteel te Coeverden

maandag 20 oktober 2014

Zesde Etappe, Schoonloo - Sleen

19 oktober 2014

Zesde etappe, Schoonloo – Sleen


Vanochtend ben ik vroeg opgestaan om om half acht voor de 6e etappe van het Pieterpad  te vertrekken naar Schoonloo. Ik had eerst in gedachten om naar Sleen te rijden en van daar af de bus naar Schoonloo te pakken, maar dan zou ik pas om kwart voor 10 de eerste bus hebben en dan om kwart over 10 kunnen beginnen met de wandeling. Aan het eind van het verslag van deze dag zal je zien waarom dit een gelukkige keuze is geweest.
Om ongeveer kwart voor 9 heb ik de auto bij Café restaurant Hegeman in Schoonloo geparkeerd. Snel de wandelschoenen aangetrokken en om 5 voor 9 ben ik op pad gegaan. Al snel heb ik het dorp verlaten en na een kort stuk tussen de boeren landerijen loop ik de bossen van Staatsbosbeheer weer in, zie ook het verslag van 21 september. Ook hier weer percelen met productiehout waarvan de 
Productiehout
hoeken van de kavels worden aangegeven door een genummerde zwerfkei. Verscheidene paden zijn nog uitgevoerd als “flintenweg”. 

Eén van de flintenwegen in het bos
Ook deze flintenwegen zijn indertijd door de arbeiders uit de werkverschaffing aangelegd. Grotere zwerfkeien aan de zijkant als opsluiting en de verharding tussen de opsluiting in kleinere zwerfkeien. Mooi om te zien, minder prettig om op te wandelen, daarom heb ik meestal naast de weg gelopen. Gelukkig zijn er ook onverharde paden en pas aangelegde geasfalteerde fietspaden door de bossen. Het is, vooral in de ochtend, mooi zonnig weer met een goede temperatuur en ik ben nog geen half 
Het is mooi weer
uur onderweg als ik mijn trui al in de rugzak stop en lekker in m’n T-shirt verder wandel. Nadat ik de N376 ben overgestoken loop ik een klein stukje langs “De Tweelingen” en de “Meeuwenplassen” in het Schoonloër Veld. Dit zijn enkele van de restanten drassig hoogveen tussen de productiebossen, waar nog bijzondere planten en dieren zoals de kleine zonnedauw, de levendbarende hagedis, de adder en de veenbesparelmoervlinder voorkomen. De Tweelingen worden begraasd door Galloway runderen en de Meeuwenplassen door Schotse Hooglanders. Het Galloway rund is zwart en heeft geen horens en de Schotse Hooglander is over het algemeen langharig roodbruin en heeft machtige
Schotse Hooglanders in een vennetje van de Meeuwenplassen
wijduitstaande horens. Ik heb het geluk om een aantal van deze prachtige runderen in een vennetje van de Meeuwenplassen te zien staan. Werkelijk een cadeautje.
Een lekkere kop thee
Na de Meeuwenplassen loopt het Pieterpad over een paar verharde wegen en zo loop ik het erf van “de Wenning” op. Sander en Jolanda van deze biologische boerderij hebben een ruimte beschikbaar gesteld waar je tegen een geringe vergoeding een kop koffie of thee kunt zetten met een lekkere plak koek er bij. Heel gastvrij.

Bij Schoonoord steek ik het Oranjekanaal (Drents: Oranjeknaol) over. Dit 48 km lange kanaal is tussen 1853 en 1861 ter ontsluiting van het veengebied ten westen van Odoorn en de Bargervenen, ten oosten van Emmen aangelegd en het loopt van de Drentsche Hoofdvaart bij Hoogersmilde tot het
Het Oranjekanaal. Ja, ik weet het, het staat ook op het bordje...
Van Echterenkanaal bij Klazienaveen. In het bos ten noord westen van Noord-Sleen loopt het pad langs het Vliegtuigmonument. Op 14 mei 1943 stortte hier een viermotorige Handley Page Halifax bommenwerper van de RAF brandend neer. Het toestel was op de terugvlucht na een bombardement op Bochum bij Emmen in brand geschoten. Boven de boswachterij zwenkte de machine rond, verloor een gedeelte en stortte neer. Alle bemanningsleden kwamen om en zijn in Sleen begraven. Ter nagedachtenis aan de 7 omgekomen bemanningsleden is een monument opgericht op de plaats van het vliegongeval. Een groep schoolvrienden uit Zweeloo en Oosterhesselen heeft het monument
De in beton ingekapselde brokstukken met de namen van de bemanningsleden
in 1945 gemaakt van de gevonden brokstukken. Op het monument zijn de namen van de bemanningsleden vermeld. Toen het na 30 jaar een verwaarloosde indruk ging maken werden de vliegtuigrestanten in 1975 ingekapseld in beton en daarna voor duurzaam onderhoud overgedragen aan de gemeente Sleen.

Ik heb er bijna één vijfde van het Pieterpad opzitten. Nog maar 396 km naar de Sint Pietersberg.

Ik vervolg mijn weg door de bossen en kom na het tunneltje onder de N381 weer tussen de weilanden en de akkers.
Ondertussen is het bewolkt en begint het een beetje te miezeren. Ik zie de kerktoren van Sleen al tussen de bomen in de verte en wandel verder naar Sleen waar ik om half 3 aan kom. 
Sleen, het eindpunt van deze etappe
Ik loop snel door naar de bushalte waar in nog een kwartier op de bus moet wachten. Gelukkig is het weer droog geworden, want er is alleen een bushokje 100 meter verderop aan de overkant. Eenmaal in de bus, we zijn Schoonoord net gepasseerd, trek Pluvius de sluizen open. De bus stopt vlak bij Café restaurant Hegeman. Het is ondertussen weer droog. Bij het uitstappen blijft mijn paraplu aan de rugzak van een Pieterpad loopster hangen die net instapt. Hilariteit bij haar groepje, maar ik kreeg hem wel terug. Gelukkig maar, want het is de paraplu van de derde etappe.
Bij Hegeman neem ik een heerlijke kop mosterdsoep met spekjes en stukjes appel en een glas ijsthee. Ondertussen komen er meer wandelaars binnen. Ze zijn doornat, want ondertussen plenst het weer. Ben ik even blij dat ik vanochtend vroeg naar Schoonloo ben gereden en niet eerst naar Sleen en daarna met de bus...

Vandaag heb ik in ongeveer 5 en een half uur 24 km afgelegd.
In totaal heb ik in 28 uur en één kwartier 111 km afgelegd.

Ik heb nu nog 376 km te gaan naar de Sint Pietersberg.